top of page

Drie breinen én Window of Tolerance

Wist jij dat jouw brein eigenlijk bestaat uit drie breinen? Ja,je hebt het goed gelezen, ons brein bestaat eigenlijk uit drie breinen. Deze drie breinen kan je zien als communicerende vaten met een onderlinge hiërarchie. De drie breinen communiceren met elkaar, vloeien in elkaar voort maar zijn ook duidelijk van elkaar te onderscheiden. 



De drie breinen kan je een beetje vergelijken met een piramide, waarbij het reptielenbrein de basis van de andere twee breinen vormt. Het zoogdierenbrein vormt de tweede laag van de piramide, het rust namelijk op een reptielenbrein en vloeit hieruit voort, maar vormt ook de basis voor het mensenbrein. Het mensenbrein is het puntje van de piramide. Het bevat de meest complexe functies maar heeft beide andere breinen nodig om te bestaan én te functioneren.



Kort gezegd, tijdens onze ontwikkeling evolueert het reptielenbrein in een zoogdierenbrein, hetgeen op zijn beurt verder ontwikkelt in een mensenbrein. Maar alvorens ik verder inga op de drie breinen, leg ik je eerst uit wat de window of tolerance is. 


We hebben allemaal een bepaald niveau van stress dat we kunnen verdragen. Nu ja, verdragen is hier misschien een verkeerde woordkeuze. Het gaat eerder over de mate van stress waarbij je lichaam nog op een goede en gezonde manier kan reageren. Sommige mensen ervaren sneller stress dan anderen en sommige mensen ervaren eenzelfde niveau van stress als meer stressvol. Maar hoe komt het nu dat iemand meer stress kan verdragen in vergelijking met iemand anders? Belangrijk om te weten is dat ik in dit artikel meermaals ga spreken over verschillende breinen. De window of tolerance en de drie breinen zijn namelijk onlosmakelijk met elkaar verbonden.


We hebben allemaal een bepaald “raampje”, ik gebruik de termen Window of Tolerance en raampje door elkaar maar ze verwijzen naar hetzelfde. Dit raampje geeft aan hoeveel stress we op een gezonde manier kunnen verdragen. Binnen dit raampje werken onze drie breinen efficiënt samen. We zijn in staat om dingen aan te leren, om te redeneren en problemen op te lossen en ons te concentreren. We staan in verbinding met onze gevoelens, kunnen adequaat reageren op onze behoeften en hebben oog voor wat wij nodig hebben om optimaal te functioneren. Binnen ons raampje ervaren we het optimale niveau van arousal of opwinding. 



Je kan opwinding een beetje vergelijken met dansen op een koord. Wanneer er te weinig spanning op de koord staat, dan verveel je je en is er te weinig arousal. Dit is niet goed om je evenwicht te bewaren en je raakt uit balans. Hetzelfde doet zich voor wanneer de koord té hard is aangespannen; je stressniveau is veel te hoog en je moet dan heel voorzichtig stapjes zetten om vooruit te raken. Beide kosten veel energie en je hebt sneller het gevoel uitgeblust of opgebrand te zijn. Het optimale niveau van arousal is voor iedereen verschillend, maar we hebben allemaal een bepaald mate van spanning (op de koord) nodig om op een ‘zo makkelijke mogelijke’ manier de koord van ons leven te bewandelen. We hebben dus allemaal een klein beetje stress of opwinding nodig om goed te focussen en te functioneren. 


Eens het niveau van stress zich buiten ons raampje bevindt komen we in de zone van ofwel hyperarousal ofwel hypo-arousal. Hyperarousal houdt in dat we een te hoog niveau van stress of spanning ervaren. In dit geval neemt ons emotionele brein het over. We kunnen niet meer logisch nadenken en nemen beslissingen op basis van emoties en gevoelens. 

Binnen een staat van hyperarousal is ons brein capabel om drie soorten acties te verkiezen: fight, flight en active freeze. Wanneer ons brein een inschatting maakt van gevaar, maakt het onmiddellijk ook een inschatting van onze capaciteiten. Fight houdt in dat ons lichaam zich klaarmaakt om in actie te treden en het gevaar te bevechten. Hierdoor stijgt onze hartslag, ademhaling en het niveau van adrenaline in ons lichaam. Gelijkaardige fysiologische mechanismen (hiermee bedoel ik de veranderingen in ons lichaam) treden op in een flight toestand, ook hierbij maakt het lichaam meer adrenaline aan gepaard gaande met een stijgende hartslag en ademhaling. Maar deze fysiologische veranderingen zorgen er deze keer niet voor dat we gaan vechten, wel dat we gaan vluchten. Dit betekent dat ons brein heeft ingeschat dat wij niet opgewassen zijn tegen het gevaar en dat vluchten het meeste kans op overleving biedt. Indien het gevaar zodanig groot is en wij niet in staat zijn om te vechten of te vluchten, kiest ons brein voor active freeze. Hierbij gaan we ons bewust stil houden: we verlagen onze ademhaling en liggen stil. Hyperarousal is wanneer je stressniveau je raampje verlaat en er bovenuit stijgt. 


Hypo-arousal houdt in dat we zodanig weinig spanning ervaren en onder ons raampje zitten of nét zo veel spanning ervaren dat we boven de hyperarousal zitten. In hypo-arousal werkt enkel het reptielenbrein nog, dit houdt in dat ons lichaam enkel nog reageert op noden en behoeftes zoals honger en gevaar. Wanneer het stressniveau zodanig hoog is, heeft ons lichaam nog twee mogelijke reacties namelijk passive freeze en dissociatie. Bij passive freeze bereidt het lichaam zich voor op het ergste. Er is zodanig veel spanning en gevaar dat we er niet aan kunnen ontsnappen. Enkel onze basale functies werken nog en alle energie wordt opgespaard. Onze hartslag en ademhaling dalen en we verstijven als het ware. Het verschil tussen actieve en passieve bevriezing zit hem in het doelbewuste. Bij actieve bevriezing gaan we bewust stil liggen, terwijl bij passieve freeze ons lichaam als het ware uitgeschakeld wordt. Een tweede verdedigingsmechanisme bij hypo-arousal is dissociatie. Dissociatie is een verlaagde bewustzijnstoestand. Dit houdt in dat delen van ons brein uitvallen of uitgeschakeld worden; bepaalde gevoelens, gedachten, waarnemingen en/of herinneringen worden buiten het bewustzijn geplaatst. Hierdoor wordt de gevaarlijke situatie doorstaan maar niet verwerkt, het individu neemt de situatie niet op. Dissociatie is een afweermechanisme dat onze hersenen gebruiken om een gevaarlijke situatie te doorstaan. Dit fenomeen komt voor bij zeer traumatische ervaringen, waarbij het individu zich vaak weinig of niets kan herinneren van de situatie en op welke manier hij/zij het overleefd of doorstaan heeft. 





Oké, nu terug naar de drie breinen. Het reptielenbrein, zoals je al had verwacht, stamt af van de reptielen en bevat onze driften. Het zorgt ervoor dat wij reageren op innerlijke signalen en heeft drie primaire functies: overleven, voortplanten en het territorium bewaken. Ons reptielenbrein wordt niet gestuurd door emoties of het redenerend vermogen. Het ontvangt onze behoeften en gaat hierop in. Jonge kinderen worden vanuit het reptielenbrein gestuurd, daarom reageren zij voornamelijk op honger, warmte/koude, pijn, angst en nabijheid. Deze kenmerken zijn noodzakelijk om als individu te overleven. De reacties van het reptielenbrein op gevaar zijn; vechten, vluchten of bevriezen. Deze reacties hebben er in het verre verleden voor gezorgd dat wij mensen overleefden.

Het zoogdierenbrein (= limbisch systeem) heeft zich geëvolueerd uit het reptielenbrein. Ons zoogdierenbrein staat in voor de verwerking van emoties en sociaal gedrag, ze leren ons hoe we ons moeten gedragen. Je kan emoties zien als een soort feedback systeem waarbij we leren te focussen op de juist manier van handelen. Maar dit feedbacksysteem neemt tijd in beslag om te kunnen functioneren. Tijd die in zeer gevaarlijke situaties noodzakelijk kan zijn om te overleven. Dit verklaart waarom in tijden van zeer hoge spanning en gevaar enkel het reptielenbrein functioneert.

Als laatste is er ook het mensenbrein, dit ontwikkelde zich uit het zoogdierenbrein. Het mensenbrein staat in voor complexe functies, zoals plannen en organiseren. Functionaliteit van het mensenbrein is noodzakelijk om situaties te verwerken en hieruit te leren. Om zulke complexe functies te volbrengen, neemt het mensenbrein veel tijd in beslag, meer tijd dan het zoogdierenbrein en veel meer tijd dan het reptielenbrein. Tijd die we in gevaarlijke situaties niet kunnen verliezen, ook daarom werkt het mensenbrein niet in situaties met veel spanning of stress. 



Oke, ik heb nu kort beschreven wat een window of tolerance is en hoe onze drie breinen hier onlosmakelijk aan verbonden zijn. Nu wil ik je ook nog bijbrengen hoe de window of tolerance van invloed kan zijn op onze gedragingen en het belang ervan bij de opvoeding van kinderen. 


Eventjes naar ons eigen gedrag. Op dagen waarop je een optimaal niveau van arousal ervaart, werken je drie breinen goed samen en zullen de prikkels die je doorheen de dag opmerkt, verwerkt worden. Je kan adequaat redeneren, weloverwogen beslissingen maken en emoties verwerken. Op dagen waar ons stressniveau zich boven of onder ons raampje bevindt, zullen bepaalde functies van ons brein, afhankelijk van het niveau van stress, uitvallen. We hebben allemaal zo van die dagen waar we overdacht de ene stressvolle situatie na de anderen ervaren. Op het einde van de dag voel je je soms leeg en moe of ontzettend gespannen en emotioneel. Mogelijks slaap je die nacht slecht en sta je vermoeid terug op. Sta op die momenten een stil bij jouw stressniveau. Je lichaam is misschien nog aan het recupereren van een hele dag buiten de Window of Tolerance te overleven. Mogelijks was je mensenbrein niet aan het werk en kon je de opgedane ervaringen nog geen plaats geven. Je brein heeft dus geen rust gehad en draait nog op volle toeren wanneer het eigenlijk tijd is om te slapen. 

Misschien ken je het wel, het was een lange dag op het werk en ‘s avonds loop je op de tippen van je tenen. Ook jouw partner heeft een rotdag achter de rug en ‘s avonds komt het tot een hevige discussie. Jouw stressniveau stijgt boven je Window of Tolerance uit en je mensenbrein sluit zichzelf af. En hoewel ik niet goedpraat dat mensen tijdens een ruzie elkaar alle scheldwoorden toegooien, is het wel mogelijk dat er meer met bloempotten dan bloemen gegooid wordt. Het tegenovergesteld is ook mogelijk; jij, je partner of jullie beiden klappen helemaal dicht en de discussie draait eerder uit een ijstijd. Hoewel dit heel oncomfortabele situaties zijn, zijn ze ergens ook wel logisch te verklaren. Je kan namelijk nog quasi logisch nadenken en gaat in een fight/flight of active freeze toestand.

En hoewel ik hierover nog veel meer kan uitwijden, ga ik het voor nu hierbij houden. En ga ik even over na hechting en de Window of Tolerance in de opvoeding. Wil je meer weten over onze gedragingen en de samenhang met de drie breinen, laat het me zeker weten en ga ik hier graag verder op in. 


Kinderen met een veilige hechting hebben meestal een ruim raampje. Ze hebben marge binnen hun optimale arousal en schieten bij stress niet onmiddellijk door naar het reptielenbrein of zoogdierenbrein. Deze kinderen groeien meestal op in een liefdevolle omgeving waarin ze zich goed voelen. Dit wil niet zeggen dat deze kinderen niet blootgesteld worden aan stress, maar ze leren wel hoe ze op een gezonde manier met stress om kunnen gaan. Ze leren zichzelf namelijk reguleren.  

Kinderen die onveilig gehecht zijn, hebben vaak een kleiner raampje. Deze kinderen hebben vaak al veel meegemaakt, hebben geen gevoel van veiligheid en hebben vaak ook niet geleerd om met hun spanning en stress om te gaan. Ze hebben vaak een klein raampje, waardoor ze snel doorschieten in hypo of hyperarousal. Het kan zijn dat een situatie voor jou niet bedreigend lijkt, maar voor het kind in kwestie wel bedreigend is. Zo kan een spreekbeurt voor de klas voor een faalangstig kind zeer bedreigend zijn waardoor hij/zij in hyperarousal gaat; de hartslag en ademhaling stijgt en het kind jaagt zich op. Voor hetzelfde kind kan het afleggen van een examen bijvoorbeeld nog bedreigender zijn, waardoor hij/zij in hypoarousal kan komen en in passive freeze kan geraken. Het kind vult zijn/haar examen niet in omdat de angst om te falen zoveel spanning oplevert. Voor buitenstaanders lijkt dit onbegrijpelijk, maar het individu zit mogelijk in passieve bevriezing waardoor hij/zij verstijft en niets meer kan invullen. Maar het hoeft ook niet zo’n extreme situatie te zijn. Een opmerking van een ouder kan voor een onveilig gehecht kind zeer bedreigend zijn, waardoor het kind bij een opmerking mogelijks buiten zijn/haar raampje kan schieten. Maar ook een drukke situatie kan voor een kind met bijvoorbeeld een sociale angststoornis of ASS (Autisme Spectrum Stoornis) zo een grote spanning veroorzaken dat ook zij zich buiten hun raampje kunnen bevinden.

Als ouder is het goed om een duidelijk idee te hebben van de Window of Tolerance. Zo kan je bij ongepast gedrag dat jouw kind zich mogelijk buiten zijn/haar raampje bevindt. Je kan dus best eerst proberen om hem/haar terug binnen de Window of Tolerance alvorens je ingaat op het gedrag. En geloof me, ik snap hoe moeilijk dat klinkt en hoe moeilijk het kan zijn. Maar indien het kind zich buiten het raampje bevindt, is hij/zij toch niet in staat om iets te leren of om de consequenties van zijn/haar gedrag te overzien. Hiervoor is namelijk het mensenbrein nodig. Een kind dat veel spanning ervaart en zich in hyperarousal bevindt, maakt beslissingen vanuit zijn/haar emoties en vaak zijn dit negatieve emoties zoals boosheid, angst of paniek en stress. 


Maar binnen een relatie, hoofdzakelijk een opvoedingsrelatie, is het ontzettend belangrijk om zicht te hebben op jouw eigen raampje. Jezelf kennen en weten waar jouw triggers liggen is belangrijk om jezelf onder controle te houden. Een trigger is een bepaalde situatie (gedrag, woord, omgeving) die bij jou stress en spanning kan oproepen. Daarnaast is het ook belangrijk om van jezelf te weten wat je opnieuw tot rust kan brengen. Eigenlijk zou je de foto van de Window of Tolerance erbij kunnen nemen en eens nadenken wat ervoor zorgt dat je stijgt in spanning, maar ook nadenkt wat je kan helpen om opnieuw het niveau van spanning te doen dalen. Dit wil ik later in mijn praktijk hanteren om mensen handvatten te geven; op die manier leren ze zichzelf kennen en kunnen ze zichzelf op moeilijk momenten tot rust brengen.

Tijdens een conflict kunnen zowel ouder als kind zich buiten hun raampje bevinden, waardoor ze niet meer rationeel nadenken en vanuit hun emoties (hyperarousal) of vanuit hun behoeften (hypoarousal) reageren. Achteraf kunnen ze samen proberen om terug te kijken op de situatie en te bespreken wat ervoor zorgde dat ze zich buiten hun Window of Tolerance bevonden. 


Het is ook zo dat spanning doorheen de dag of dagen ervoor ertoe kan leiden dat je de ene dag op een hoger niveau van stress en spanning bevindt. Maar zo is het ook mogelijk dat je de andere dag ogenschijnlijk alles aankan. De ene dag start je al aan het einde van je raampje, terwijl je een andere dag mogelijks helemaal onderaan je raampje begint en soms pal in het midden zit. En dat geldt ook voor jouw kind of je partner. Elkaars en vooral jezelf raampje leren kennen en hierop kunnen inspelen is ontzettend belangrijk voor een goede verstandhouding en opvoeding. Voorafgaand of tijdens een discussie kan jij bvb tegen jouw kind zeggen ‘je zit momenteel buiten je raampje, dus ik ga daar nu niet op in maar bespreek dat straks met jou’, maar ook jouw kind kan je daarop wijzen. Ik geef een voorbeeld van een mogelijke situatie; je kind krijgt een goed rapport met uitzondering van één vak. Jij als ouder gaat voornamelijk door op dat ene slechte punt voor dat vak, in plaats van het kind te feliciteren met de goede resultaten. Je windt je op in dat punt, waardoor je niet rationeel nadenkt over de grote meerderheid van goede punten’. Beeld je deze situatie in en ik geef je nu twee voorbeelden van mogelijke reacties van het kind/de jongeren. 

  1. De jongere gaat hierop in en jullie gaan in conflict. Hierdoor zijn jullie beide niet in staat om elkaar standpunt te begrijpen en reageert vanuit jouw gevoelens; als ouders de teleurstelling/opwinding en het kind/jongere vanuit onbegrip/boosheid. Pas achteraf kunnen jullie, hopelijk, op dit conflict terugkomen.

  2. De jongere geeft aan dat jij momenteel buiten jouw window of tolerance zit en gaat er nu niet op in. Op een later moment kunnen jullie de conversatie op een goede manier verderzetten. Jullie kunnen elkaar standpunt innemen en begrijpen.


Dit voorbeeld geeft natuurlijk een zeer gedetailleerde situatie weer. Maar het raampje uitleggen aan jouw kind en hier samen over kunnen communiceren, kan conflicten vermijden. Zo kan jij als ouder, alvorens je de supermarkt binnen gaat en nog binnen jouw window of tolerance bent, eens aftasten bij jezelf en jouw kind hoe ver de spanning reeds opgebouwd is. Je kan ook zelf afspraken maken voor je een situatie ingaat zoals het krijgen van een beloning. Die beloning kan gelden als motivatie om binnen het raampje te blijven of te proberen de spanning te verlagen tot die opnieuw binnen de Window of Tolerance zit. 


Hopelijk heb je nu zelf inzicht in de Window of Tolerance en hoe dit raampje van invloed kan zijn op het al dan niet hebben van een conflict. Zelfkennis is, zoals beschreven, belangrijk om jouw eigen triggers te kennen alsook manieren te kennen die je terug tot rust kunnen brengen. Probeer bij het volgende conflict na te denken waarom het niet lukte om binnen jouw raampje te blijven en denk bij een bijna-conflict eens na waarom het jou deze keer wel lukte om de spanning binnen de window of tolerance te houden. Je kent je eigen grenzen, maar leert jouw partner/kind ook beter kennen, als ook omgekeerd. Zo weet je vaak welke triggers wel tot conflict kunnen lijden, maar ook wat je kind opnieuw tot rust kan brengen. 


 
 
 

Opmerkingen


  • Facebook
  • Instagram

Ma Psychica ©2020 

bottom of page